Duo-interview donderdag, Mrt 27 2008 

Duo generatie Marokkaanse madammen in Antwerpen 

Als ik naar Nia en haar 20-jarige dochter Fadoua rijd, regent het pijpenstelen. Het is echt vreselijk slecht weer, maar eens ik binnenkom en begroet word door de ganse familie en de vriendinnen die lekker knus allemaal samen hier de avond doorbrengen, krijg ik het al snel warm. Dit huis straalt warmte uit van de gastvrijheid en de vriendelijkheid alleen al. Nia en haar kinderen wonen al heel hun leven in Antwerpen. Ik sprak met hen over hun ervaringen als Marokkaanse in België te wonen.  

De Marokkaanse gemeenschap in Antwerpen:

 

Fadoua: Wat de Marokkaanse gemeenschap in Antwerpen betreft, denk ik dat wij er hetzelfde over denken als de rest in Antwerpen of het nu Belgen of Marokkanen zijn, dat maakt niet echt uit. Maar er is wel een onderscheid tussen de Marokkanen die zich wel kunnen integreren en zich aan regels kunnen houden. Anderen kunnen dat niet. Maar ik denk dat dat in elke bevolking is, niet enkel in de Marokkaanse.  

Belg of Marokkaan?:

 

Nia: Onze kinderen voelen zich meer Belg.  
Fadoua: Nee sorry, ik niet. (moeder komt tussen: hoe we leven bedoel ik hé) Nee … alé ik voel mij persoonlijk toch meer Marokkaan. We leven in België en proberen ons wel aan te passen aangezien we hier ook geboren zijn. Daarom leven we niet op dezelfde manier als in Marokko, maar als je mij de vraag stelt zeg ik: Ik ben een Marokkaanse. Ik ga me daar niet voor schamen of wat dan ook, maar ik voel me toch merendeels Marokkaans ja.

 

Traditionele waarden:  

Fadoua: (denkt na) De mensen van onze leeftijd (twintigers) hebben zich eigenlijk teveel aangepast aan de Westerse normen daarom houden wij gewoon niet veel meer over van de Marokkaanse tradities. De volgende generatie gaat waarschijnlijk niets meer overhouden van die traditionele waarden, omdat wij er zelf niet zoveel meer van weten en dan is het moeilijk om u daaraan te houden. Toch zou ik het heel erg vinden als mijn kinderen er niets meer van weten. Daarom zou het goed zijn dat wij toch nog zoveel mogelijk leren over onze tradities. En hopen dat de oma’s en de opa’s dat voortzetten.

 


Nia: Zolang die er zijn komt dat wel in orde (lacht).  

Taboes:

 

Fadoua: Meisjes die uitgaan zijn nog steeds taboe. Ik ga wel ’s avonds iets drinken, maar naar discotheken gaan doe ik niet. Het is niet dat het mij niet aanspreekt, maar eerlijk gezegd is uitgaan nog een deel dat niet helemaal als normaliteit gezien wordt bij ons. Er wordt echt kwaad over gesproken.  
Nia: Er zijn wel Marokkaanse meisjes die uitgaan. Maar ik denk wel dat het makkelijker is als je in een vriendenkring zit waar niemand van de meisjes het doet. Misschien dat mijn dochter het er anders wel moeilijker mee zou hebben.

 

Hoofddoek:  

Fadoua: De meeste meisjes dragen nog een hoofddoek. Maar die is al meer gemoderniseerd, het wordt niet meer gedragen zoals vroeger.

 


Nia: Mijn dochter draagt er geen, maar wij moesten dat vroeger niet proberen. Dat pakte niet. Vanaf dat we ongesteld werden, moesten we een hoofddoek op.

Typisch Marokkaans:

 

Fadoua: Enkel ons eten is typisch, denk ik. En onze kledij, maar dan enkel de feestkledij.  
Nia: Ja, feestkledij wel dat is echt typisch Marokkaans met veel goud en glitters enzo.

 


Fadoua: Ik ben eerlijk gezegd wel trots op onze jurken. Ze zijn flashy maar niet in de zin van dat je zou denken: ‘wat zijn dat voor kleuren’. Onze trouwfeesten zijn ook heel typisch hé. Daar behoudt men nog wel de tradities (ref.: verslag Kirsten J.). 

Marokko =:

 

Fadoua: strand  
Nia: zee

 


Samen: zon en zee (lachen)  

Na dit ontspannende interview wordt de tv aangezet. Vervolgens krijg ik een demonstratie van verschillende Marokkaanse zenders. Ook word mij nog een Marokkaanse thee aangeboden. Om helemaal in de sfeer te blijven…spijtig dat ik geen Marokkaanse koekjes heb, zegt Nia. Ooh, dat is niet erg die heb ik de laatste weken al genoeg gegeten. Dat doet mijn figuur geen goed aan, dat Marokko magazine… 

  L.G.

Met dank aan: Nia & Fadoua 

 

Beelden van het optreden… donderdag, Mrt 20 2008 

Foto’s van het optreden van Think of One:

 @ Zuiderpershuis (Antwerpen)

img_2803.jpg   img_2945.jpg  img_2953.jpg

Interview met David Bovée (Think of One) donderdag, Mrt 20 2008 

“Jonge Marokkanen investeren graag in hun autostereo”

 

Think of One is back in business. In samenwerking met Amina Tcherkich en Lalabrouk Loujabe, twee heerlijk swingende dames uit Marrakesh, brengen ze hun vierde album op de markt. “Camping Shaâbi” is het resultaat van hard werken en vooral veel jammen van een allegaartje cultuurbohémiens en Marokkaanse gastmuzikanten. Zaterdag 15 maart speelden ze de pannen van het dak in het Zuiderpershuis in Antwerpen. Wij gingen vooraf even praten met frontzanger David Bovée.

 

Waarom viel de keuze op Marokkaanse gastmuzikanten?

 

David: Op onze vorige albums werkten we al met Marokkaanse muzikanten. Dat was eigenlijk ook het eerste wat we ooit hebben gedaan. Met onze band ‘jammden’ we veel met Marokkaanse muzikanten, maar dan vooral Marokkaanse muzikanten die hier in België woonden. Dat zijn we altijd blijven doen.

Één van onze muzikanten kwam een tiental jaar geleden met het idee om naar Marrakesh te trekken. Zijn oom kende daar namelijk de hele ’scene’. Dat hebben we dan ook gedaan en zo zijn we dan in contact gekomen met tal van lokale, boeiende muzikanten. We hebben er ontzettend veel bijgeleerd.

Ook Amina Tcherkich en Lalabrouk Loujabe leerden we in Marrakesh kennen. Zij spelen daar voornamelijk op trouwfeesten en dan uiteraard alleen voor de vrouwen. Amnina en Lalabrouk zagen het meteen zitten om naar België te komen. Ze verblijven nu twee maanden in Antwerpen en dan keren ze terug naar Marokko. Voor de zomerfestivals zullen we ze dan weer mogen verwelkomen.

 

Wat onderscheidt dit nieuw album van de vorige drie?

 

David: Het is een andere sound. Eigenlijk is ditmaal het bindmiddel Schaâbi muziek, zoals de titel wel al doet vermoeden. Dit album is vooral bedoeld voor het buitenland, voor ons buitenlands publiek. Er staan een aantal nummers op die al op vorige albums hebben gestaan, maar waar we hier en daar wat aan hebben veranderd. Aan de hand van wat nieuwe arrangementen, nieuwe orkestratie en grooves staken we ze in een moderner kleedje.

 

Wat trekt jullie aan in Shaâbi?

 

David: Shaâbi hoor je vaak in de straten van Antwerpen, maar weinige herkennen het. Jonge Marokkanen investeren graag in hun autostereo en hieruit klinkt dan van die heerlijke muziek die aan de meeste mensen voorbijgaat. Ik vind dat geweldig.

De beat van Shaâbi muziek is volledig anders dan wat wij, westerlingen, gewoon zijn. Voor ons moet de zwaarste toon aan het begin zitten. Bij Shaâbi is dat niet en dat is soms moeilijk te vatten. Je moet er wat aan gewoon worden, maar ik vind het een fantastisch ritme. Heel meeslepend. Het zuigt je gewoon op. (begint te beatboxen, nvdr.)

We hebben onze tijd moeten nemen om Shaâbi te leren spelen. Shaâbi leer je niet zomaar van partituren of van een cd’tje, daar moet je uren en uren tijd in steken en ontzettend veel oefenen.

 

Hoe reageert het publiek op jullie muziek? Wat vinden Marokkanen zelf er van?

 

David: Als wij in Marokko spelen vindt iedereen onze muziek fantastisch, veel meer dan hier. Hier in Antwerpen, maar eigenlijk ook gewoon in België, is het heel moeilijk om die mensen ‘uit hun kot te krijgen’. In Brussel is het iets makkelijker. Ik heb de indruk dat de jeugd daar al meer gemengd is dan in Antwerpen. In Antwerpen begint het wel, maar op het moment vind ik het leuker om in Brussel te spelen.

 

Blijft het niet moeilijk om steeds aan die typische muziek een “Think of One”-smaak te geven?

 

David: Dat is ontzettend moeilijk. Het is altijd een hele uitdaging omdat we van mening zijn dat we niet te veel mogen veranderen. We willen er een soep van maken, maar zonder er de mixer door te halen. Op die manier kan je nog steeds de ingrediënten herkennen, maar toch proef je aan andere smaak. Dat is steeds ons doel, al is dat soms moeilijker dan verwacht.

 

Waaraan denk je bij het woord ‘Marokko’?

 

David: Een woord dat meteen in mij opkomt is ‘gastvrijheid’. Mensen zijn er enorm gastvrij. Je bent bij iedereen welkom en een gast is een geschenk van Allah. Vooral dat laatste merk je heel erg als je daar bent. Toen wij in Marakesh waren en op zoek waren naar een slaapplaats was dat nooit een probleem. “Ik ga wel met mijn zus bij een tante slapen,” zeiden ze dan.

Marokkanen zijn ook veel spontaner en opener.

Wat ook opvallend is, is het feit dat leeftijd daar niet zo’n grote rol speelt. Leeftijdsverschillen zijn er helemaal niet belangrijk.

 

Wat zijn de plannen voor de nabije toekomst?

 

David: Binnenkort trekken we met z’n allen naar Japan. Daar kijken we erg naar uit, want het zal de eerste keer zijn dat zowel wij, van Think of One, als onze Marokkaanse muzikanten zullen worden beschouwd als vreemdelingen. Op de koop toe is Japan een enorm leuk land om te spelen. Het publiek is er echt helemaal anders dan bij ons. Ze zijn daar wel enthousiast, maar eerder op een militaire manier. Als je aan een zaal vol Japanners vraagt om in hun handen te klappen lijkt het alsof je een leger aan het toespreken bent. Aan de andere kant zijn de mensen er enorm enthousiast. Japanners zijn liefhebbers van alles wat anders en vooral raar is.

 

 

Coming Soon… dinsdag, Mrt 18 2008 

Weldra op onze weblog:

  • Verslag van het optreden van Think of One
  •  Interview met David Bovée

a.jpg

Marokkaans eetfestijn dinsdag, Mrt 18 2008 

Fez vs Z’hoor

Als je met een groepje vrienden en vriendinnen iets wil gaan eten dan is Fez volgens mij iets geschikter. Bij Fez is er meer ambiance en om al helemaal in de sfeer te komen zijn er de buikdanseressen en de waterpijp. Bij Z’hoor moet je zijn voor een gezellig onderonsje oftewel een familie-etentje. Het is er iets rustiger en het eten is echt overheerlijk. Als je niet weet waar te gaan eten of je hebt geen zin om te koken, bij Z’hoor of Fez is het alle dagen een eetfestijn. En één ding is zeker niet alleen de Fransen ook de Marokkanen mogen terechte ‘bon vivants’ genoemd worden.

Nuttige adressen:

Fez

Kloosterstraat 52

2000 Antwerpen

Tel.: 03/288.63.18

Z’hoor

Verschaningstraat 28

2000 Antwerpen

Tel.: 03/238.88.30

Tanger?Tangine?…ahnéé: Tajine!!!! dinsdag, Mrt 18 2008 

Onderonsje bij Z’hoor

Waar ga je zoal naartoe op een maandagavond als dén bompa zegt: ‘Kom mannekes, we gaan is iets eten met zen allen, jullie mogen kiezen naar waar?’ Dat moet je mij geen twee keer zeggen, helemaal in de ban van de ‘Moroccan fever’, stel ik het Marokkaanse restaurant “Z‘hoor” op het Zuid voor. Enkele jaren geleden ben ik daar ook eens geweest. Mijn zusje, die toen nog enkele jaartjes jonger was, had het restaurant toen al meteen een bijnaam gegeven. Weken daarna hebben we het mogen horen: ‘Gaan we nog is naar den Aladin, pleaseeee?’. Maar bon, het was dus hoogtijd om dé Z’hoor aka den Aladin nog is te gaan verkennen. Ondertussen is het interieur al iets of wat aangepast aan de ’westerse normen’ maar de duizend-en-één-nachten sfeer hangt er nog steeds.

Aperitieven

Opmerkelijk is dat hier bij Z’hoor, het Marokkaanse restaurant bij uitstek, wel een wijnbar is en je hier verschillende alcoholische dranken kan krijgen. Als dat geen mooie vorm van integratie is (knipoog). Enkele minuten later wanen we ons in de witte martini en de karafjes wijn. Er staat ook al een mandje brood op tafel naar ons te glimlachen en een soort van lookboter. Aanvallen!!! Dat is wat mijn zussen en ik in eerste instantie dachten, maar tot grote spijt van wie het benijdt, hadden we even later al het gevoel dat we al gegeten hadden. Dat Marokkaanse brood is zo heerlijk dat je er moeilijk vanaf kan blijven…

Voorgerecht

Als voorgerecht bestelden we traditioneler wijze een mezze. Enkele minuten later worden er twee borden geserveerd met kleine schoteltjes erop en lekkere bereidingen. Er zit voor ieders wat wils tussen. Zo zijn er zoete bereidingen met noten en ook iets dat lijkt op perenconfituur met mango en courgette in. Maar ook de voor ons iets bekendere zaken zoals tonijn met groentjes, tzatziki (tapenade op basis van yoghurt en komkommer) en de koekjes in bladerdeeg gevuld met kaas mogen niet ontbreken aan deze mooie mix van kleuren en smaken. Na dit voorgerecht is er van onze honger niets meer te merken, in tegendeel.

Hoofdgerecht

Hier heb ik al die jaren op moeten wachten, die héérlijke kip tajine met honing, rozijnen en uienconfituur. Het gerecht aardt naar de zoete kant maar dat maakt het juist zo speciaal, het smaakt goed af en het is echt om je duimen en vingers van af te likken. Maar zo lekker als tante Isa (lees: tant’isa) haar kip ‘tanger’, ‘tangine’ ahnee … ‘tajine’ met olijven gemarineerd in citroen, nee dat kan niet volgens haar… Ik zal het nooit weten want als ik naar hier kom kan ik niet voorbij aan de zoete tajine. ‘En bompa, wat vind je ervan?’ ‘Bwoah, het is ‘anders’ hé manneke.’ Toch kan hij even later niet ontkennen dat hij het lekker vond. ‘Bompa, spaghetti heb je toch ook leren eten?’…

Als afsluiter …

Bij een avondje uit eten in een Marokkaans restaurant mag de muntthee niet ontbreken vind ik. Maar deze persoonlijke mening wordt niet door iedereen gedeeld… de meerderheid van de tafel opteert voor een kop koffie. Tot even later de ober terugkeert met de boodschap dat er nog maar één koffie is… Die is dan voor de oudste maar meest begeerde man van de avond: den bompa. ’Doe der maar iets goe straf bij hé manneke’. Even later keert de jongen terug met ’buccha’ oftewel bloemenlikeur. Ik moet zeggen met één ding kunnen ze mij niet overtuigen, die bloemenlikeur is voor mij niet verfijnd genoeg maar dat is hun vergeven want op dat vlak zijn ze natuurlijk ook niet thuis… Een ander deel van de tafel kiest als tweede optie voor de melk met munt. Ja, ik hoor jullie al denken … persoonlijk vond ik dat ook een zeer rare combinatie maar ik moet zeggen ze hebben mij weer helemaal mee. De tante was dat ook en was blij dat de koffie op was. De klanken ‘Mmm’, ‘Lekker’, ‘Amaj’, waren deze avond niet weg te denken. Opzet geslaagd: iedereen overtuigd, we gaan zeker nog eens terug! Dat staat vast.

L.G.

Schot in zaak Belliraj maandag, Mrt 17 2008 

Vijfde slachtoffer bekend in zaak Belliraj 

Het Belgische parket is erin geslaagd om ook het vijfde van de in totaal zes moordslachtoffers van de Belgische terreurverdachte Abdelkader Belliraj te identificeren. Het gaat om de 65-jarige ex-militair Raoul Schouppe die in 1988 het leven liet bij een schietpartij in zijn kruidenierszaak nabij het Brusselse Zuidstation. 

Over het motief van de moord is er nog geen duidelijkheid. De andere vier moorden, waaronder die op de imam van de Grote Moskee in Brussel, waren echter duidelijk politiek geïnspireerd. De kans bestaat dus dat ook deze man het slachtoffer werd van een politieke overtuiging.

Wie het zesde slachtoffer is en waarom hij/zij is vermoord, is tot op heden nog onduidelijk. Volgens Belliraj zelf zou het gaan om een homoseksueel uit het Brusselse. 

Heiligschennis maandag, Mrt 17 2008 

Belliraj smokkelde wapens in doodskisten van overleden Marokkanen
 
Bij de arrestatie van de vermeende terrorist Abdelkader Belliraj half februari in Marokko heeft de politie een indrukwekkend arsenaal aan wapens ontdekt. Het zou onder meer gaan om Kalasjnikovs en Uzi’s. 
 
Volgens Het Laatste Nieuws zijn de wapens afkomstig uit België en zou Belliraj ze naar Marokko hebben gesmokkeld in kisten van overleden moslims.  Op zich een geniale manier aangezien doodskisten bij grenscontroles nooit worden opengemaakt omdat dit lijkschennis zou zijn. 
 
De zeskoppige politiedelegatie die op drie maart naar Marokko vertrok om zich ter plaatse te informeren over de stand der zaken zal nu moeten nagaan of bij de gevonden wapens ook het pistool zit waarmee Belliraj in de jaren ‘80 zes moorden heeft gepleegd.
 

Op zoek naar de mol: wie verlinkte Belliraj? maandag, Mrt 17 2008 

Comité I  zoekt verantwoordelijke voor lek in zaak Belliraj 

Dat de Belgisch-Marokkaanse terrorist Abdelkader Belliraj een informant was van Staatveiligheid staat nu zo goed als vast. Wie er echter verantwoordelijk is voor de onthulling van zijn status als ‘dubbelspion’ is minder duidelijk.

Het Comité I zal zich nu in opdracht van Minister van Justitie Jo Van Deurzen bezighouden met een onderzoek naar waar het lek zich bevindt.  

Daar komt de bruid (5 keer) zondag, Mrt 16 2008 

Gisteren was het zover.

Mijn allereerste Marokkaanse huwelijk. Nog voor we vertrokken zaten we al met een probleem… Wat doe je aan? De uiteindelijke keuze viel op een neutraal zwart kleedje, want we willen uiteraard niet te hard opvallen, en trouwens, het gaat toch donker zijn in de zaal.

afbeelding-010-kopie.jpg

Whishfull thinking…

Op het moment dat ik met één arm uit mijn jas hing en rond mij keek werd het duidelijk dat ik grondig fout zat met mijn ‘neutraal’ zwart kleedje.

Elke, maar dan ook elke, vrouw had een lang kleed aan. Maar dat is nog niet alles, die kleden waren vertegenwoordigd met de nodige ‘Bling Bling’. Onder tonnen schmink zag je ogen in het rond shieten die keken naar de concurrentie en wie die avond het hardst de show zou stelen. Kapsels waren kunstig opgestoken en gekapt, massa’s gouden en zilveren armbanden en haarspelden verblindden je ogen in de felverlichte en witte zaal.

Grappig ook was dat iedereen al aan het dansen was zonder dat er ook maar een bruid, eten of iets gebeurd was. Trouwens, dat dansen is vooral om ter hardst met de heupen wiegen…

Plaatsnemen aan de ronde tafels

Zoals eerder verteld stond er op de uitnodigen 7 uur, maar we waren al gewaarschuwd dat er voor half 9 niet veel te doen zou zijn. Er waren geen zorgvuldig uitgekozen naamkaartjes op de plaatsen zoals wij het zouden doen, maar je moest eerder proberen met elleboogstoten een goed plaatsje te krijgen. Na een tijd zat de zaal propvol, en toch bleven er nog vrouwen binnenkomen… Dan maar extra tafels tevoorschijn toveren en stoelen bijzetten (zie je dat al bij ons gebeuren?).

De eerste jurk…

Plots een oorverdovend tromgeroffel en trompetgeschal, overal beginnen vrouwen te roepen en te klappen en inheemse keelgeluiden te fabriceren. Dat was de Dakaa el Marakchia, ik kreeg er spontaan kippevel van. Dat kon natuurlijk ook komen omdat ik vlak naast een box zat, maar dat laten we even in het midden.

Plots verscheen er in het deurgat een porseleinen pop. De bruid stond met de ogen toe en vol parels, kettingen en kralen te wachten om zich aan iedereen te laten zien. Met de ogen toe wordt ze door haar schminkster door de hele zaal begeleidt en elke keer als ze aan tafel komt mijmeren alle vrouwen hetzelfde zinnetje op. Laila en Allah kon ik verstaan, maar de rest blijft een raadsel.

Eten?

Plots komen er ook uit alle hoeken serveuses met grote schalen eten aangewandeld. Eindelijk, want mijn maag knorde bijna boven de trompetten uit. Het voorgerecht? Een Ferrero Rocher…

Onze tafel (vol met domme “autochtonen” in saaie zwarte kleren) begon spontaan te lachen, maar de rest van de zaal bleef bloedserieus. Het eten werd wel beter na een tijd. Op grote schalen werden vischotels en kip naar binnen gedragen waar je met je rechterhand of vork of met brood eten van moest pakken.

Vanaf kleed nummer twee kwam Rachid mee binnen

Ook onder het nodige trompetgeschal. Bij elke nieuw kleed (waar ook elke keer de nodige tijd tussen zat) volgde hetzelfde verhaal: Bruidspaar wandelt binnen, bruidspaar neemt plaats op de troon, er worden enorm veel foto’s getrokken met elke keer opnieuw dezelfde famillieleden, de hele tijd oorverdovend trompetgeschal en een dansende menigte ervoor.

Speciaal nog was dat bij het derde kleed het bruidspaar op draagstoelen in de lucht gedragen werden. Al dansend… Je kon duidelijk aan de gezichten van bruid en bruidegom zien dat dit niet te lang hoefde te duren…

Het laatste kleed, de witte bruidsjurk, kwam maar pas om 4 uur (!), Veel mensen waren ook al vertrokken en hebben het laatste kleed niet meer gezien. Nochtans werden pas hier de ringen uitgewisseld en werd de taart dan maar pas aangesneden…

Eén ding is zeker… De bruid zelf heeft niet veel aan het feest. Zij veranderd een hele avond van kleding, schmink, kapsel en schoenen en maakt dan telkens voor een kwartier haar entree.

Toch was het een ongelofelijk mooi feest en een ontzettend leuke ervaring. Maar de volgende keer geen zwart kleedje meer.

Next Page »